6 Reglement Protesten

Dit reglement maakt deel uit van het Huishoudelijk Reglement NOMAC.

Reglement Protesten

6.1 Recht

Het recht tot het indienen van protesten is uitsluitend voorbehouden aan de rijder danwel zijn schriftelijk gemachtigde gedurende een wedstrijd voor het Nederlands Kampioenschap.

6.2 Indiening

  1. Protesten moeten worden ingediend bij de (assistent-)Wedstrijdleider of, bij diens afwezigheid, bij de Sportcommissaris.
  2. Een protest dient schriftelijk, gemotiveerd en vergezeld van het vastgestelde protestgeld te worden ingediend. Protesten dienen mede in het belang van de indiener zo nauwkeurig mogelijk te worden omschreven.
  3. Protesten tegen meer dan één rijder dienen per rijder te worden ingediend.

6.3 Protestgeld

Het protestgeld wordt jaarlijks vastgesteld door de Algemene Vergadering.

De kosten van een protest kunnen ten laste van de indiener worden verhoogd met een bedrag voor extra onkosten, bijv. voor het verkrijgen van het ‘vergelijkend’ onderdeel en/of extern uit te voeren laboratoriumproeven, zoals een controle op brandstof- c.q. materiaalsamenstelling. De indiener zal hierover vooraf worden ingelicht. De Wedstrijdleider is bevoegd, om op straffe van niet ontvankelijkheid van het protest, van de indiener van een protest een voorschot te vragen op mogelijk te maken extra kosten voortvloeiende uit dit protest. Deze bijdrage die uitsluitend mag worden gevraagd ter dekking van bijzondere kosten van het onderzoek, zal niet worden gerestitueerd. Tegen het door de Wedstrijdleider vastgestelde bedrag is binnen 30 minuten na bekendmaking ervan, protest mogelijk bij de Sportcommissaris. Mocht blijken dat de totale kosten van de uitvoering van het onderzoek naar aanleiding van het protest hoger uitvallen dan het reeds betaalde voorschot, dan kan de Wedstrijdleider de indiener van het protest belasten voor deze extra kosten. De Wedstrijdleider dient dan een gespecificeerde rekening te overleggen.

Indien het protest wordt afgewezen, kan de indiener achteraf een boete worden opgelegd van maximaal EUR500,-. De hoogte van het bedrag wordt bepaald door de Wedstrijdleider. Met dit bedrag kan de deelnemer tegen wie het protest werd ingediend, zijn auto en/of onderdelen weer in de oorspronkelijke staat terugbrengen c.q. herstellen.

6.4 Protesttijden

  1. Protesten tegen deelname van een rijder, of tegen de lengte van de wedstrijd: tenminste een uur voor het begin van de wedstrijd;
  2. Protesten tegen de samenstelling van heats: tenminste een uur voor het begin van de wedstrijd;
  3. Protesten tegen een beslissing van de Technische Commissaris: onmiddellijk na het vernemen van de beslissing;
  4. Protesten tegen een fout of onregelmatigheid begaan tijdens een race of tegen de uitslag: binnen 15 minuten na publicatie van de uitslag.

6.5 Scheidsrechters

Geen protesten zijn mogelijk tegen de beslissingen van scheidsrechters.

6.6 Beslissing op protest

  1. De indiener van een protest zal binnen 30 minuten de beslissing op zijn protest vernemen.
  2. Indien tijdens een evenement geen Sportcommissaris aanwezig is, beslist de Wedstrijdleider op het protest.
  3. Indien tijdens een evenement geen Sportcommissaris aanwezig is, kan geen protest worden ingediend tegen een besluit van de Wedstrijdleider. Wel staat tegen een dergelijke beslissing de mogelijkheid van beroep open bij het Algemeen Bestuur.

6.7 Gegrond protest

Ingeval een protest gegrond wordt verklaard, zal het protestgeld worden geretourneerd aan de indiener.

6.8 Ongegrond protest

Ingeval een protest ongegrond wordt verklaard, zal het protestgeld geheel of gedeeltelijk vervallen aan de NOMAC. Het Algemeen Bestuur kan de indiener van een te kwader trouw ingediend protest één of meer sancties opleggen.

6.9 Hoor en wederhoor

De indiener van een protest alsmede degene waar het protest tegen is gericht, dienen zich tot nader order ter beschikking te houden van de Sportcommissaris c.q. de Wedstrijdleider.

6.10 Beroep

Tegen de beslissing op het protest staat beroep open bij het Algemeen Bestuur.