10 Reglement Sectie Brandstof Circuit 1:8

Dit Reglement maakt deel uit van het Huishoudelijk Reglement NOMAC en is

een aanvulling op het Algemeen Wedstrijd Reglement.

10.1 Technisch Reglement

10.1.1 Afmetingen

  1. Schaalverhouding: 1:8
  2. Maximale lengte: 637 mm
  3. Maximale breedte: 267 mm
  4. Maximale hoogte: 160 mm
  5. Wielbasis: 270-330 mm

Hoogte en breedte worden gemeten met een spacer van 5 mm onder het chassis, waarbij het chassis op de spacer wordt gedrukt.

10.1.2 Technische klassen en gewichten

De auto’s zijn onder te verdelen in drie technisch verschillende (gewichts-)klassen:

De gewichtslimieten gelden te allen tijde voor een raceklare wagen zonder brandstof en met transponder. Geveerde wagens zijn 4-wiel onafhankelijk geveerde auto’s met aandrijving op twee (2WD) of vier (4WD) wielen.

Starre wagens voldoen aan de volgende specificaties:

10.1.3 Motorspecificaties

Motortype: .21

Maximale cylinderinhoud: 3,50 cc

Maximale diameter carburateur: 9 mm

10.1.4 Inlaat

Het gebruik van een EFRA-goedgekeurde inlaatgeluiddemper (zgn INSbox) is verplicht. De demper dient in originele staat gebruikt te worden — wijzigingen geven aanleiding tot diskwalificatie. Deze verplichting vervalt indien de heat of (sub-)finale tot "NAT" wordt verklaard door de wedstrijdleiding. Het maximale geluidsniveau mag 83 dBa niet overschrijden.

De inlaatgeluiddemper dient op de actuele lijst van de EFRA te staan.

Inlaatgeluiddempers die op 1 januari van het verenigingsjaar op de lijst van EFRA staan blijven gedurende het hele verenigingsjaar toegestaan.

10.1.5 Uitlaat

Het maximale geluidsniveau mag 83 dBa niet overschrijden, gemeten op 10 meter afstand en op 1 meter hoogte. De uitlaat dient van het 3-kamer type te zijn. De uitlaat dient een door EFRA gehomologeerd type te zijn. Het goedkeuringsnummer dient altijd zichtbaar op de uitlaat te zijn en mag zelf gegraveerd zijn.

De uitstroomopening van de uitlaat dient om veiligheidsredenen een hoek te maken die ligt tussen horizontaal en loodrecht naar beneden.

De uitlaat dient op de actuele lijst van de EFRA te staan.
Uitlaten die op 1 januari van het verenigingsjaar op de lijst van EFRA staan blijven gedurende het hele verenigingsjaar toegestaan.

10.1.6 Tank en brandstof

Maximum inhoud brandstoftank tot aan de carburateur: 125 cc

De gebruikte brandstof mag uitsluitend bestaan uit de volgende bestanddelen:

De gebruikte brandstof mag geen hoger soortelijk gewicht hebben dan 0,91 gr/cm3. Dit komt overeen met een nitropercentage van 25%. Het soortelijk gewicht wordt gemeten met een door de NOMAC beschikbaar gesteld gekalibreerd apparaat ("NITRO-MAX").

10.1.7 Aandrijving

Wagens met elektrische aandrijving, propellers en/of raket aandrijving zijn niet toegestaan.

10.1.8 Koppeling en rem

De modelwagens moeten van een doeltreffende rem en koppeling voorzien zijn.
Er zijn geen separate remmen op voorwielen toegestaan. Een transmissierem middels permanent blokkeren van de vooras is voor vierwiel aangedreven auto’s wel toegestaan.

10.1.9 Bumper

De bumper dient van flexibel materiaal gemaakt te zijn en mag niet van scherpe randen of kanten voorzien zijn. De bumper dient de contouren van de body te volgen en mag niet meer dan 5 mm voor de body uitsteken en/of 13 mm buiten de zijkanten met een maximum breedte van 267 mm.

10.1.10 Banden

Kleur: zwart (behalve letters op de buitenzijde)

Afmetingen:

Het is niet toegestaan reinigers of gripverhogende middelen van welke aard dan ook te gebruiken op de banden.

10.1.11 Body

De body dient een door EFRA gehomologeerd type te zijn en dient te voldoen aan de geldende EFRA regels voor deze klasse.

Body`s die op 1 januari van het verenigingsjaar op de lijst van EFRA staan blijven gedurende het hele verenigingsjaar toegestaan.

10.2 Wedstrijdreglement

10.2.1 Klasse-indeling rijders.

De 1:8 competitie bestaat uit 2 klassen:

  1. NK klasse. Deze bestaat uit 24 rijders.
  2. NOMAC Cup klasse. Tot deze klasse worden maximaal 30 rijders toegelaten.

10.2.2 Competitie opzet.

In iedere klasse worden zes wedstrijden verreden voor het kampioenschap. Voor elke rijder tellen de vijf beste resultaten voor het kampioenschap. De winnaar van de NK klasse wordt Nederlands Kampioen.
Tevens zal er gestreefd worden naar 1 reservedatum voor een wedstrijd die afgelast is door extreem slecht weer waardoor het niet verantwoord is om te rijden. Deze afgelasting wordt bepaald door het Sectiebestuur in overleg met de wedstrijdleiding en kan alleen voor aanvang van de wedstrijd worden gedaan. Op deze datum aan het einde van het seizoen zal de eerste afgelaste wedstrijd op hetzelfde circuit opnieuw verreden worden.

10.2.3 Promotie/degradatie

De top 18 van de NK-klasse kwalificeert zich automatisch voor deze klasse in het volgende seizoen. De rijders die op plaats 19 tot en met 24 eindigen in de eindstand van de NK klasse, rijden het volgende seizoen in de NOMAC Cup klasse.
De rijders die op plaats 1 tot en met 6 eindigen van de NOMAC Cup klasse, rijden het volgende seizoen in de NK klasse. Wanneer het aantal deelnemers in de NK klasse aan het begin van het seizoen lager is dan 24, wordt dit aantal eerst aangevuld met de degraderende rijders van de NK klasse (19 t/m 24) en dan verder met rijders uit de NOMAC Cup klasse die het voorgaand seizoen zijn geëindigd op plaats 7 en lager.

De rijders die in het Nomac Cup eindklassement eindigen op de plaatsen 25 t/m 30 degraderen uit de Nomac Cup klasse. Hun plaats zal worden ingenomen door de rijders uit de Promoserie BC08 die een rijderslicentie voor de Nomac Cup klasse hebben verkregen. Indien er minder dan 6 rijders uit de Promoserie een rijderslicentie verkrijgen, zullen er minder dan 6 rijders degraderen.

Aan ervaren rijders die de Promoserie over willen slaan kunnen er maximaal 2 startplekken in de NOMAC Cup klasse vergeven worden. Zij dienen hiertoe een schriftelijk verzoek in vóór de sluitingsdatum van de licentie-aanvragen. De besluitvorming zal op basis van hun eerder behaalde resultaten geschieden.
Wanneer een startplek wordt toegewezen, zal er, per startplek, een rijder minder promoveren uit de Promoserie.

10.2.4 Wedstrijdsysteem

Een heat of (sub-)finale bestaat uit maximaal tien rijders.

Voorafgaand aan iedere wedstrijd voor het Nederlands Kampioenschap maakt het Sectiebestuur de heat-indeling voor de wedstrijd. Bij de heat-indeling wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de rijdersterkte. Om deze indeling zo goed mogelijk te kunnen maken, moeten wijzigingen van frekwentie en/of persoonlijke transponder uiterlijk de woensdag voorafgaand aan de wedstrijddag, bij het Sectiebestuur worden gemeld.

Het beste heat-resultaat van elke rijder bepaalt de indeling in de (sub-)finales.

Indeling finales:

De top drie per even of oneven finale gaat door naar de volgende subfinale of halve finale. Per even en oneven halve finale gaat de winnaar door naar de finale plus de 4 tijdsnelsten van de halve finale's. Bij ongelijke weersomstandigheden gaat per even en oneven halve finale de top 3 door.

Tijdsduur:

Standaard aantal heats: 3

Start van de heats:

De wagens worden op signaal van de starter stuk voor stuk vanaf een vooraf aangegeven streep op het circuit gestart. Deze streep dient zo kort mogelijk voor de tellus zijn geplaatst. Na iedere serie wordt de startvolgorde doorgeschoven: in de eerste serie is de start volgorde 1/2/3/4/5/6/7/8/9/10, in de tweede serie 4/5/6/7/8/9/10/1/2/3 en in de derde serie 7/8/9/10/1/2/3/4/5/6.

10.2.5 Licenties en inschrijving

Rijders die gerechtigd zijn om in de NK of NOMAC Cup klasse deel te nemen, dienen hun aanvraag voor een licentie vóór de op het aanvraagformulier vermelde datum te hebben ingediend en betaald. Op deze datum sluit de klasse en zal een rijder die zijn aanvraag na deze datum indient en/of betaalt, niet aan het kampioenschap deelnemen.

Na de derde wedstrijd voor het Nederlands Kampioenschap zullen geen nieuwe licenties meer worden afgegeven.

10.2.6 Afmelden

De rijder dient zich af te melden als hij of zij niet kan deelnemen. Afmelden dient uiterlijk op de zondagochtend voor 8:45 uur per e-mail of telefoon te geschieden bij het sectiebestuur of bij de wedstrijdleiding. De afmelding mag ook door een andere rijder worden gedaan.
Niet (laten) afmelden geeft als straf een niet schrapbare nul-resultaat.

10.2.7 Baaninzetten

Baaninzetters dienen uiterlijk 2 minuten voor de start van een heat of finale op hun post te zijn.

10.2.8 Regen

Wanneer een heat en/of (sub-)finale door de wedstrijdleiding "NAT" wordt verklaard, is het gebruik van een EFRA-goedgekeurde inlaatgeluiddemper niet meer verplicht. Dit wordt onder andere door middel van een bord medegedeeld.

Iedereen die een heat heeft gereden heeft meegedaan aan de wedstrijd en krijgt punten. Als men alleen een droge heat heeft gereden en deze niet meetelt omdat niet alle rijders een droge heat hebben kunnen rijden, wordt de betreffende rijder onderaan in de uitslag gezet: hij mag dus niet aan de finaleseries mee doen.

Appendix

Promoserie BC08

De Promoserie BC08 is een open klasse voor rijders met een brandstofauto in schaal 1:8. Deelname aan deze klasse staat open voor alle NOMAC clubleden met uitzondering van de houders van een NOMAC Rijderslicentie van de Sectie BC08.

De Promoserie BC08 wordt verreden volgens de algemene reglementen van de NOMAC en van de Sectie BC08. Deze reglementen vindt u in het Jaarboek en op de website www.nomac.nl.

De wedstrijden voor de Promoserie BC08 vinden plaats tijdens de wedstrijden voor het Nederlands Kampioenschap BC10. Zie de NOMAC Kalender voor de datums van deze wedstrijden.

Uiterlijk woensdag voor de wedstrijd kunt u zich inschrijven bij de organiserende vereniging. U geeft dan uw naam, e-mail adres, telefoonnummer en twee (legale!) frequenties op. Het inschrijfgeld bedraagt ¤10,00 en moet u voldoen aan de wedstrijdleiding op de zondagochtend vóór aanvang van de wedstrijd. U moet dan tevens uw NOMAC Clublidpas tonen.

De wedstrijden zullen worden verreden volgens het zgn. kerstboomsysteem. Er zullen 3 kwalificatie heats van 5 minuten worden verreden en een finale van 15 minuten. Wanneer het tijdschema het toelaat kunnen er bovendien halve finales (van 10 minuten) en eventueel kwart finales (van 10 minuten) verreden worden.

Het eindklassement wordt gevormd door de 3 beste resultaten van de 5 wedstrijden, maar deze drie resultaten moeten op verschillende circuits behaald zijn. De winnaar wint een (gratis) rijderslicentie voor de NOMAC Cup klasse voor het volgende seizoen en mag niet deelnemen aan de Promoserie BC08 in het volgende seizoen. Rijders die eindigen op plaats 2, 3, 4, 5 en 6 in de eindstand mogen een rijderslicentie voor de NOMAC Cup klasse voor het volgende seizoen aanvragen maar zijn dit niet verplicht. De rijders die in het NOMAC Cup eindklassement eindigen op plaats 25, 26, 27, 28, 29 en 30 degraderen uit de NOMAC Cup klasse. Hun plaats zal worden ingenomen door de rijders uit de Promoserie BC08 die een rijderslicentie voor de NOMAC Cup klasse voor het volgende seizoen hebben verkregen. Indien er minder dan 6 rijders uit de Promoserie BC08 een licentie verkrijgen, zullen er minder dan 6 rijders degraderen.

De deelnemers aan de Promoserie BC08 zullen gescheiden van de BC10 deelnemers trainen op de zaterdag volgens onderstaand tijdschema:

10.00 - 11.00 uur: BC10 (NK- en NOMAC Cup klasse)

11.00 - 11.30 uur: Promoserie BC08

11.30 - 12.30 uur: BC10 (NK- en NOMAC Cup klasse)

12.30 - 13.00 uur: Promoserie BC08

13.00 - 14.00 uur: BC10 (NK- en NOMAC Cup klasse)

14.00 - 14.30 uur: Promoserie BC08

14.30 - 15.30 uur: BC10 (NK- en NOMAC Cup klasse)

15.30 - 16.00 uur: Promoserie BC08

16.00 - 17.00 uur: BC10 (NK- en NOMAC Cup klasse)